De bij
21/10
PUUR
Deze weken heeft Mary een huiselijk gezondheidsoffensief ingezet. Gewapend met kruiden en specerijen. Diepgroene nana mintblaadjes zijn over een groot laken op de tafel uitgespreid. Hiermee maken we extra geurige thee als tegenwicht voor een gezond maar gemeen bitter goedje, de dzjaade (wilde germander). Mary waarschuwt dat laatste niet met honing te mengen, het moet puur worden gedronken. Honing gebruiken we daarentegen in een mix met kaneel, een medicijn voor alles. We beginnen de dag met een glaasje water met knoflook-infuus.
Mary werd vorige week door een bij gestoken. Snel deed ze verse knoflook op de wond. Deze zoog de kwade stoffen eruit. In Gaza, horen we, worden bijen gebruikt om vergif uit een wond te zuigen; ze vallen daarna dood neer. Vanwege de militaire sluiting is daar zo’n gebrek aan medicijnen dat de artsen hun toevlucht nemen tot oude volksgebruiken.
Hier, ten zuid-westen van Betlehem, steunen sinds een paar maanden Amerikaanse Methodisten een bijenteeltprojekt in het dorpje Waad Foekien onder de wervende titel, het "Halleluja Moment". Het doel is de boeren op hun land te houden en hen een hart onder de riem te steken, want Waad Foekien is dichtbij nederzettingen gelegen en straks wellicht bij de Muur. De honing wordt in de VS verkocht. Honing uit het land van melk en honing.
Eigenlijk was vroeger de bijenteelt best wel veel in gebruik hier. Er zijn nog steeds een aantal families in Betlehem waar je de honing rechtstreeks van kan kopen. Mary haalt het bij een college van haar op de universiteit. Er is een oud verhaal van een Amerikaanse missionarissenfamilie die in de 19e eeuw in het dorpje Artas ten zuiden van Betlehem de Moslimse bewoners onder meer via de bijenteelt wilden bekeren tot een christelijk geďnspireerd zionisme. Dat lukte van geen kanten, maar een dochter in de familie, Louise Baldensperger, cultiveerde de hobby van het verzamelen van plaatselijke planten- en kruidengebruiken en de verhalen daaromheen. Zo is in de jaren dertig van de vorige eeuw misschien wel het mooiste boekje over de Palestijnse boerencultuur geschreven aan de hand van Louise’s verzameling plantenverhalen ("Van cedar tot hyssop").
Verder neem ik af en toe een neutje olijfolie ‘s ochtends, naar de gewoonte van Mary’s overleden vader. Daar word je zo sterk van als een bok en bovendien is de olijfboom de heilige boom van Palestina, en het symbool van geworteldheid en eeuwige jeugd, want het is een altijdgroene boom. Maar de olijfolie wordt straks jammer genoeg weer duur, want de olijfoogst is mager dit jaar.
Jara heeft vorige week meegeholpen bij de olijfpluk van Mary’s oom Jamal. Jamal heeft nog een klein landje met olijfbomen; zijn grotere landerijen liggen in de zogenoemde veiligheidszone bij de Muur op weg naar Jeruzalem. Hij mocht die vele honderden bomen van hem een tijdje geleden een middag zien, maar de olijfpluk is niet meer mogelijk. De olijfjes verpieteren. Het land is formeel nog wel van hem, maar hij mag er niet meer komen.
We horen berichten dat het nu zelfs olijfgaardhouders wordt verboden om buitenlandse vrijwilligers voor de olijfpluk te recruteren, onder meer in Nabloes. De landeigenaars worden daar gewaarschuwd voor een boete van 6000 sjekels of 1200 Euro. De internationals helpen vooral boeren die bij de olijfpluk last hebben van naburige Israëlische kolonisten die het op hun grond hebben voorzien. Ze beschermen de boeren. Op het moment hebben internationale vrijwilligers de aloude problemen om via Jordanië of Tel Aviv naar de West Bank te reizen. Zeg niet tegen de security dat je voor de olijfpluk komt, want dat kan reden zijn je de toegang tot het land te weigeren.
Het laatste nieuws op het voedselfront is dat de Palestijnse politie meer controles op de etenswaren uitvoert. Laatst werd een grote partij etenswaren bij een Palestijnse handelaar onderschept waarvan de gebruiksdatum was overschreden. De etiketten waren verwisseld, de blikken bleken afkomstig uit een nederzetting.
Iemand suggereerde eens "PalestinaPuur" als reclameslogan. Ironisch, of juist niet?
P.S. Dochter Jara (11) is een blog gestart op de website van WereldKids, een initiatief van VPRO en Wereldomroep om Nederlandse kinderen in het buitenland aan het woord te laten komen. Jara is nu dus correspondent in Palestina. Zie: http://blogs.rnw.nl/wereldkids/jara-woont-in-palestina.
G.A.Koelman
22 oktober 2009, 11:05
Bijzaken kunnen heel belangrijk zijn. Wereldwijd schijnt de bij het verontrustend moeilijk te hebben, terwijl het beestje voor de voedselketen onmisbaar is. Dus de Methodisten doen goed werk. Jammer dat zelfs de helende olijfboom het land splijt! Prosit! Guus Koelman

