Terrorist

04/08

 

DE VILLA EN DE RAP MUZIEK

 

Mary leunt met gevouwen armen op de vensterbank voor het raam in de slaapkamer van waaruit zij en ik vaak naar buiten kijken. Soms om te dromen, meestal om te kijken naar de realiteit. We wonen langs een van de drukste straten in Betlehem. Vanwege het congres van de Palestijnse beweging Fatah, met een paar duizend deelnemers, is de stad vol. In onze oprit staat zomaar een televisiewagen geparkeerd. Buiten op straat is het vol politieagenten. Mary merkt op hoe groot en duur de auto van menig congresbezoeker is. "Degenen die uit Libanon, Syrië en Jordanië komen, mochten zelfs van Israël hun auto de grens overnemen."

 

Hier in Betlehem zijn de mensen niet echt bezig met het congres, maar meer met de verkeersproblemen als gevolg ervan. Of met het nijpend tekort aan water. (Mijn Arabische lerares kan haar mooi verzorgde tuin niet meer bewateren, en ook Mary en ik hebben het maar opgegeven onze plantjes water te geven). Voor zover er interesse is in het congres lijkt het vooral te gaan over personen, schandalen en machtsstrijd. Er is niet veel hoop dat het congres een open discussie oplevert over visie en strategie. Is Fatah een beweging van het verleden? Op de lokale internetsite van het nieuwsagentschap Ma’an wordt een foto van een vrouw getoond die huilt bij het graf van Arafat in Ramallah. Je mag als lezer invullen wat de vrouw denkt. De meeste reacties suggereren dat het in de tijd van Arafat veel beter was.

 

Jara is uitgenodigd bij een kennisje. Haar vader, een Fatah-leider die vroeger vaak in Israëlische gevangenissen zat, leeft in een grote villa met "drie woonkamers en zes computers," zegt Jara (dus geen ruzie wie er op de computer mag!) Jara vergaapt zich aan de rijkdom, wil graag ook in een villa wonen. Mary is ambivalent: enerzijds gunt ze het hem wel dat hij in een villa woont na al wat hij doorstaan heeft, aan de andere kant laat ze in een bijzin het woord 'corruptie' vallen.

 

Jara is nu meer politiek bewust. De hele dag door is ze een Rap-liedje aan het mompelen: "Wie is een terrorist? Ben ik een terrorist?! Hoe kan ik een terrorist zijn, wanneer ik in mijn land woon? – Mien irhabi? Ana irhabi?! Kief irhabi oe ana fil-blaadi?" "Ja hoor, nou weet ik inmiddels wel dat je geen terrorist bent", mompel ik terug. Vorige week las ik een artikel over een plaatselijke Fatah politicus die met de directeur van de film 'Bruno' een tijdje geleden een gesprek had gevoerd hier in een restaurant in Beit Jala en toen zonder zijn medeweten ineens in die film figureerde als een gevaarlijke terrorist. Hij is nu een rechtszaak begonnen.

 

Vorige week vroeg Jara mij waarom het Israëlische leger zo vaak mensen vlak bij ons huis oppakt. Dat was de volgende ochtend na een razzia in het kamp 'Azza tegenover ons huis. Mary en ik leunden 's nachts om drie uur voor ons raam luisterend naar de krakende walkie talkies van enkele tientallen Israëlische soldaten. We hoorden een paar keer series van drie schoten. Na een kwartier of zo werd een jongen van in de twintig met de handen op de rug gebonden afgevoerd naar een legerjeep. Ik had de impuls om naar buiten te gaan, om mijn aanwezigheid te tonen. Het was niet meer dan een impuls. "Als je dat maar uit je hoofd laat," zei Mary, "denk je dat het ze wat kan schelen dat je een buitenlander bent?" Kort daarna kraaide de haan bij de dierenzaak aan de overkant en volgde de oproep tot het gebed van de 'muezzin'. De 'operaties' vinden voor het ochtendgebed plaats, is de ervaring. In Betlehem is de nacht voor de Israëli’s. "Haraam – och arme," zegt Mary, "Het zijn altijd de jongeren die ze pakken. En dan neemt men het die jongeren nog kwalijk dat ze het land verlaten."

kees thieme rotterdam

06 augustus 2009, 09:43

zou het schaamte zijn Toine of tactiek dat ze het des nachts bezig zijn met dingen die het daglicht niet kunnen velen? hartelijke groet kees


G.A.Koelman

06 augustus 2009, 09:35

Toine, wat een aangrijpend verhaal heb je geschreven! Ik begrijp Mary haar reactie helemaal. Israelies tonen geen bijzonder respect voor buitenlanders: zelfs Obama moet daar iniddels van mee kunnen praten. Aan de andere kant: jouw impuls om naar buiten te gaan getuigt van een diepe drang tot humaniteit op een moment dat het daaraan lijkt te ontbreken. Voor een theoloog is het hoogtepunt van je column natuurlijk het uit het lijdensverhaal van Jezus gelichte 'Kort daarna kraaide de haan' en dan de droogkomische herkomst van dat geluid, de plaatselijke dierenzaak, gevolgd door de niet minder geestig op mij overkomende oproep tot gebed van de muezzin. Je bent bepaald geen vreemde in Jeruzalem, Toine, en zeker niet in Betlehem! Een hartelijke groet, Guus


Rob

05 augustus 2009, 11:27

Ik slaak een diepe zucht bij het lezen van je collumn Toine... Sinds mijn terugkomst ben ik echt volledig opgeslokt door mijn werk. Vandaag pas de eerste dag dat ik even echte rust kan pakken. Niet te lang want na volgende week begint de drukte weer, vollop. De trip naar Palestina zit nog vers in mn gestel, en dagelijks denk ik aan elementen van mijn reis. Het zijn eigenlijk vooral de mensen die door mijn hoofd spoken. Vandaar dat ik het erg leuk vond om te lezen dat Jara rapliedjes aan het zingen is. Dit schept potentie voor de toekomst!!! Hahahaha ;-) Wil je de groeten doen aan Jara en de rest van de familie? We spreken elkaar snel en ik kan slechts hopen dat we elkaar ook snel weer zullen zien. Hartelijke groeten, Rob


Plaats een reactie


Meer info

Tweemaal per maand verschijnt hier een nieuw weblog door Toine van Teeffelen.