Kiezers D66 en GroenLinks opvallend éénstemmig over Israëlisch-Palestijns conflict
In april 2010 hield marktonderzoekorganisatie Synovate in opdracht van United Civilians for Peace (UCP) een opiniepeiling over de Israëlisch-Palestijnse kwestie. Dit is de zesde meting op rij naar het oordeel van de Nederlanders hierover.
Met het oog op de aanstaande verkiezingen voor de Tweede Kamer op 9 juni 2010, wordt er in deze meting met name ook aandacht besteed aan het oordeel van het publiek over het beleid van het kabinet en (voor het eerst) over de standpunten van de politieke partijen aangaande het Israëlisch-Palestijnse conflict.
De belangrijkste resultaten van de peiling in 2010 zijn:
Algemeen
Asymmetrie van het conflict
15% vindt dat zijn of haar standpunt over dit conflict is veranderd als ze het vergelijken met dat van vijf jaar terug. Dit wordt in het bijzonder weerspiegeld in het percentage respondenten dat meent dat Israël de sterkere partij in het conflict is: 63% tegen 57% in 2008. Een grote meerderheid van de Nederlandse bevolking ziet het conflict dus als een asymmetrisch conflict waarbij Israël meer macht en invloed heeft dan de Palestijnen. Slechts 12% ziet de partijen als gelijkwaardig aan elkaar en niet meer dan 1% acht de Palestijnen sterker.
Internationale gemeenschap
Eveneens 15% van de respondenten is het standpunt ten aanzien van de rol van de internationale gemeenschap ten opzichte van vijf jaar geleden veranderd: meer mensen vinden nu dat de internationale gemeenschap een grotere rol moet spelen in de oplossing van het conflict. Het stellen van voorwaarden aan economische hulp aan de Israëlische regering en gerichte sancties tegen de Israëlische regering scoren het hoogst (resp. 41% en 39%) als het gaat om de kans op succes bij maatregelen van de internationale gemeenschap.
Nederlandse politiek
Regering
Volgens 58% van de respondenten moeten in een nieuw kabinet mensenrechten centraal te staan als uitgangspunt van het beleid ten aanzien van het Israëlisch-Palestijnse conflict. 50% van het Nederlandse volk vindt dat de Nederlandse regering Israël onder druk moet zetten om de nederzettingen op de Westelijke Jordaanoever te ontruimen, met vooral politieke (24%) en economische middelen (22%).
Politieke partijen
Bij de scores die zijn uitgesplitst naar politieke voorkeur, valt in de eerste plaats op dat D66-stemmers bij veel thema's ongeveer vergelijkbaar scoren met GroenLinks-stemmers. Bij veel punten scroren stemmers op deze twee partijen het hoogst van alle partijen. Beide willen bijvoorbeeld meer druk vanuit de Europese Unie en de Nederlandse regering om de nederzettingen op de Westelijke Jordaanoever te ontruimen (D66 70%; Groen Links 64%), en vinden de Israëlische blokkade van Gaza niet gerechtvaardigd (D66 78%; Groen Links 80%). Ook scoren stemmers van D66 en GroenLinks het hoogste onder de voorstanders van het afbreken van de muur in bezet Palestijns gebied (resp. 71% en 69%).
Van de kiezers weet bijna de helft (45%) niet wat het standpunt van de partij van zijn of haar keuze is ten aanzien van het conflict. Als men wél bekend is met de standpunten van zijn of haar partij is 58% daarover (zeer of tamelijk) tevreden en 9% is daarover (zeer of tamelijk) ontevreden. GroenLinks-stemmers (77%) die het partijdstandpunt kennen zijn hierover het meest tevreden (77%). PVV-stemmers tellen het hoogste percentage ontevredenen (22%).
Actuele thema’s in het conflict
Het beëindigen van de bezetting
Iets meer dan de helft (54%) van de respondenten meent dat de bezetting beëindigd moet worden. Onder de stemmers op CDA is dit 45%, onder PVV-stemmers 43% en onder CU-stemmers 36%. In 2008 was 44% van de respondenten voorstander van het beëindigen van de bezetting; een duidelijke verschuiving op dit punt richting meer voorstanders.
Nederzettingen
In 2005 heeft Israël de nederzettingen in de Gazastrook ontruimd, maar niet die op de Westelijke Jordaanoever; daar groeit juist het aantal nederzettingen. Van de ondervraagden is 52% van mening dat de Europese Unie Israël onder druk moet zetten om ook die nederzettingen op de Westelijke Jordaanoever te ontruimen.
Boycot
Er bestaat geen uitgesproken voorkeur voor onder het Nederlandse volk om producten die afkomstig zijn uit Israëlische nederzettingen in de Palestijnse gebieden te boycotten: 35% is voor zo’n boycot, 35% is er tegen en 30% heeft geen oordeel. Het boycotten van producten uit gehéél Israël (inclusief de nederzettingen) wordt gesteund door 28% van de respondenten.
De scheidingsmuur
Twee op de drie Nederlanders, 67%, vinden de bouw van de scheidingsmuur onaanvaardbaar. 56% van het Nederlandse volk meent dat de Israëlische regering de muur in bezet Palestijns gebied moet afbreken.
De blokkade van Gaza
58% van de Nederlanders vindt de Israëlische blokkade van de Gazastrook niet gerechtvaardigd. Dit geldt met name voor stemmers op Groen Links (80%), D66 (78%), SP (75%) en PvdA (72%). Van de CDA-stemmers vindt 44% de blokkade niet gerechtvaardigd.
Hamas en de Palestijnse verzoeningsproces
Van de Nederlanders meent 24% dat Hamas zeker wel en 33% waarschijnlijk wel betrokken moet worden bij het vredesproces (57% in totaal). Zou een verzoeningsproces leiden tot een nieuwe eenheidsregering waar Fatah en Hamas deel van uitmaken, dan meent een krappe meerderheid (52%) dat Nederland deze regering moet accepteren als vertegenwoordiging van het Palestijnse volk en daar volwaardige diplomatieke betrekkingen mee moet aangaan.

