19 maart 2014
 

Ploumen en Timmermans steunen aanbevelingen maatschappelijk verantwoord investeren  

Minister Ploumen van Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerkingen heeft in een brief aan de Tweede Kamer gemeld dat zij de aanbevelingen ondersteunt in het rapport Dutch Institutional Investors and Investments related to the Occupation of the Palestinian Territories. Het rapport dat in februari verscheen is een uitgave van VBDO in samenwerking met Cordaid, ICCO en PAX. De Tweede Kamercommissie voor Buitenlandse Zaken had om een zogeheten appreciatie gevraagd van de regering.

 

Nederzettingen in bezette Palestijnse gebieden zijn volgens het internationaal recht illegaal. Veel bedrijfsactiviteiten daar staan daarom op gespannen voet met internationaal rechtelijke afspraken en respect voor mensenrechten. Het rapport bepleit het naleven van de voorschriften van maatschappelijk verantwoord ondernemen volgens de internationale richtlijnen.

 

Ploumen beaamt in haar brief dat maatschappelijk verantwoord ondernemen een wezenlijk aspect van ondernemerschap is. "Bedrijven zijn zelf verantwoordelijk voor de wijze waarop zij omgaan met risico's kansen, dilemma's en uitdagingen op het gebied van 'people, planet and profit'," aldus minister Ploumen. De regels die daarvoor gelden zijn uitgegeven door de Organisatie voor Economische Samenwerking en Ontwikkeling (OESO). Deze regels en vergelijkbare regels van de VN stellen de norm waaraan bedrijven zich moeten houden.

 

Het rapport toont volgens minister Ploumen aan dat financiële instellingen die investeren in de bezette Palestijnse gebieden medeverantwoordelijkheid dragen voor de bezetting. Het kabinet onderschrijft die visie en ondersteunt de oproep van de VBDO aan institutionele beleggers om werk te maken van wat due diligence heet bij het samenstellen van hun beleggingportefeuille. Dat begrip betekent gepaste zorgvuldigheid.

 

"Wij zijn blij met het onderschrijven van onze oproep aan institutionele beleggers om één lijn te trekken voor alle mensenrechtenthema's en wereldwijd aanvaarde wet- en regelgeving te hanteren", aldus VBDO-directeur Giuseppe van der Helm. "Wij vinden dat de toepassing van het internationaal recht een minimum is om tot maatschappelijk verantwoord ondernemen te komen."

 

Zie de brief van minister Ploumen.