8 mei 2013
 

Als familie strijden wij voor ons land

De 15-jarige Waad Tamimi is een inwoner van het dorp Nabi Saleh, gelegen op de Westerlijke Jordaanoever. Nabih Saleh is sinds 1967 bezet door het Israëlische leger. Dit Palestijnse dorp heeft 550 inwoners, allemaal familieleden van de 'Tamimi-stam'. Samen strijden zij voor het bestaan van Palestina. UCP sprak met hem toen hij met Raed Alhomos en zijn advocate Masalha Ijbariya in Nederland was om enkele spreekbeurten te geven.

 

Sinds de bezetting van hun dorp zijn de inwoners aan het demonstreren. "Iedere vrijdag gaan wij de straat op. We vechten voor ons land en ons water," zegt de kleine Waad. Als jongen van 15 jaar heeft Waad Tamimi al meer meegemaakt dan wij ons kunnen voorstellen. Voor hem lijkt deze gewelddadige strijd heel normaal. Waad is al jaren niets anders gewend dan de wekelijkse demonstraties, soms gaat het er gewelddadig aan toe. In deze demonstraties is hij inmiddels al een neefje en een oom verloren. Zelf is hij enige tijd geleden tijdens een van deze demonstraties opgepakt."We waren net zoals iedere vrijdag aan het demonstreren aan de rand van ons dorp. De soldaten gebruikten traangas. Ik kreeg het er benauwd van en wilde schuilen. Ik rende naar een gebouw waar ik dacht dat het veilig zou zijn. In dit gebouw zaten blijkbaar militairen verstopt. De militairen gooiden me tegen de grond en sloegen me overal. Ze bonden mijn handen vast en ik werd geblinddoekt. Toen ze me meenamen naar hun jeep, duwden ze me opzettelijk tegen obstakels aan. Mijn zusje Ahed probeerde uit alle macht de militairen er van te overtuigen dat ik niks gedaan had en ze mij niet mochten meenemen." Waad opent een filmpje van het youtube-kanaal dat is opgericht door de familie Tamimi. Er volgt een hartverscheurend beeld waarin de 10-jarige Ahed huilend en geheel in paniek de militairen aanvalt. De militairen lachen haar uit. Niet alleen haar broertje wordt meegenomen, ook haar vader en moeder worden apart van elkaar gearresteerd.

 

In de jeep wordt Waad geslagen met de metalen helm van de soldaat, Waad vertelt dat hij naar een gevangenis werd gebracht. "Ze vroegen me waarom ik was opgepakt, ik vertelde hen dat ik dat niet wist. De soldaat zei tegen me dat ik stenen had gegooid, maar ik wist dat dit niet zo was. Er werd een Hebreeuws contract onder mijn neus geschoven, dat ik moest ondertekenen. Omdat ik geen Hebreeuws kan lezen wilde ik dit niet. De soldaat zei dat als ik zou zwijgen, dit alleen maar tegen me zou werken. Ik mocht niet naar het toilet en kreeg geen water, ik was bang dat ze mij wat aan zouden doen. Na zes uur werd ik naar een andere gevangenis gebracht, daar gooiden ze me naakt in een cel waar acht andere gevangenen verbleven." De volgende dag werd Waad voor de rechter gebracht. Hier zag hij zijn moeder, die totaal verslagen was door het zien van haar toegetakelde zoon. De rechter beval hen 400 euro te betalen.

 

Helaas zijn dit geen uitzonderlijke gevallen, veel kinderen worden opgepakt voor het gooien van stenen. Het gekke is, dat Israël het gooien van stenen als geweldloos erkent. Masalha Ijbariya is advocate en vertelt hoe dit kan: "Volgens de Israëlische wet is stenen gooien inderdaad niet verboden, maar militairen zien dit wel als een gewelddadige aanval. Vandaar dat zij hier mensen om kunnen arresteren, er staat vier maanden gevangenis straf per gegooide steen. De gevangenen die onder administratieve detentie vastzitten, hebben vaak – ondanks dat veel mensen denken van niet - wél recht op een advocaat. Het probleem is alleen dat je als advocaat weinig voor ze kan doen, we hebben nog nooit succes gehad. Dit komt omdat we moeten bewijzen dat de gevangene geen gevaar is voor de maatschappij. Iedere zes maanden komt er weer een nieuw proces, dit wordt vaak herhaaldelijk met nog zes maanden verlengd."

 

Raed Abu Alhomos heeft ruim zes jaar gevangen gezeten, maar laat zich niet kennen. "Ik ben altijd blijven kijken naar de positieve kanten, om de kracht te vinden door te gaan. Ik ben opgepakt aan het begin van mijn studententijd, hierdoor ben ik de beste jaren van mijn leven kwijt geraakt. De tijd in de gevangenis heb ik gebruikt als leer- en uitdagingcentrum, zo heb ik bijvoorbeeld Engels kunnen leren. Met het in gevangenschap nemen van de Palestijnen proberen ze onze droom te doden, dit zal ze nooit lukken. Zodra we uit de gevangenis komen, houden we nog meer van Palestina. Als Palestijnen denken we rationeel, we accepteren de regering, maar tegelijkertijd voelen we ons alleen op de wereld." Op de vraag over de recentste hongerstaking reageert Alhomos fel: "We zullen nooit stoppen, in 2004 heb ik zelf ook een hongerstaking gedaan, samen met veel andere gevangenen." Advocate Ijbariya twijfelt: "Ik weet niet of hongerstakingen goed werken, het hangt vaak af van de persoonlijke situatie van de gevangene. Ik geloof wel dat het de enige manier is om op een geweldloze manier invloed uit te oefenen."

 

Op de vraag wanneer de jonge Waad Tamimi zal stoppen met strijden vanwege de gevaarlijke consequenties, antwoordt hij: "Er zijn twee familieleden overleden in deze strijd voor ons land, wij gaan door totdat we ons land terug hebben. We zullen nooit stoppen."